Monday, October 05, 2020

TVDW 04/10/2020 - Prince - Witness 4 The Prosecution (version 2) (1986/2020)

 

"What's goin' on" van Marvin Gaye werd een week geleden door Rolling Stone Magazine verkozen tot Greatest Album of All Time. Correctie, het magazine zelf kwam niet met die titel. Het vroeg ruim driehonderd big shots uit de industrie om hun top 50. Werden onder meer door het blad bevraagd: Béyonce, Taylor Swift, Billie Eilish, Adam Clayton en The Edge van U2, Raekwon, Gene Simmons en Stevie Nicks (- ja, ik had die individuele lijstjes wel eens willen zien. 

De Top 500 van Rolling Stone is trouwens een reboot van eerdere edities. In de eerste editie, uit 2003 alweer, stond Sgt. Peppers (nu naar nr. 24) nog op één. Er valt heel wat te zeggen over de lijst. Dat ze door een uitgesproken Amerikaanse bril wordt bekeken, bijvoorbeeld. Hoe anders dan te verklaren dat Nas, Outkast , Dr. Dre, A Tribe Called Quest, Jay-Z, Wu-Tang, B.I.G., Kendrick Lamar, Kanye West en Public Enemy allemaal in de top 50 staan. 

 Ik dacht aan Marvin Gaye’s “What’s Goin’ On” toen ik deze week een hele tijd zoet was met het beluisteren van Sign O The Times en de bijhorende meerdelige podcast die de Prince Estate lanceerde naar aanleiding van de luxueuze re-issue van dat dubbelalbum. “Sign O The Times”, een van mijn vijf eerste cd’s die ik ooit kocht, staat natuurlijk ook in dat lijstje van Rolling Stone. Op nr. 45. Fair enough, al vind ik het erg discutabel dat “Purple Rain” zoveel hoger staat – op nr. 8 zelfs. Pitchfork deed een tijd terug trouwens iets gelijkaardigs: het zette Purple Rain helemaal bovenaan zijn lijst van Beste Albums van de jaren tachtig. Snap ik evenmin. 

Natuurlijk was Purple Rain een groter commercieel succes. En dat de plaat funk en rock (of bij uitbreiding: zwarte en blanke muziek) succesvol wist te mengen, staat ook boven discussie – al deed 1999 dat bijvoorbeeld ook al. Maar inhoudelijk vind ik SOTT veel rijker, veel boeiender en veel relevanter. Om maar iets te zeggen: Purple Rain bevat geen maatschappelijke reflectie die zelfs maar in de buurt komt van de titelsong van het drie jaar nadien volgend album.  

Dat Prince in de mid eighties uiterst productief was - een met alle kracht en geweld uitbarstende vulkaan van creativiteit – is bekend. Wie naar de vele tracks op de re-issue luistert, hoort echter pas goed hoe straf die productiviteit wel was. Wat SOTT in de oorspronkelijke vorm, de dubbelaar die start met de titelsong en eindigt met de liveregistratie It’s gonna be a beautiful night en de slepende ballad Adore, zo intrigerend maakte, was de veelvoud aan stijlen. Dat, en het feit dat die alle kanten uitspringende songs om de een of andere reden toch één geheel vormden. Nu ook de ‘leftovers’ van die plaat uit de kluis zijn gehaald, wordt pas duidelijk hoe moeilijk de uiteindelijke selectie van songs moet geweest zijn. Hoe raar, ook. Waarom haalde het nogal drammerigere It bijvoorbeeld de cut? Waarom werd met Slow Love en Adore gekozen voor twee trage nummers. Ik had er eentje geskipt, ten voordele van de tvdw, een song die op de re-issue te vinden is in twee danig van elkaar afwijkende versies. Een eerste opname toont de song in de gedaante van een beenharde funktrack à la Sly & the Family Stone, een latere opname ligt meer in lijn met de futuristische uitgebeende electrofunk die wel meer te horen viel op SOTT.


Labels: ,

Thursday, October 11, 2018

TVDW 07/10/2018 - Sylvester - I've been down (1977)


Een tvdw puren uit een vinylaankoop van de voorbije week is schier onmogelijk: de afgelopen zeven dagen tijd verwelkomde ik ruim... 130 platen. Dan maar het laatste album dat dit weekend een draaibeurt kreeg, gebruiken als kapstok. De debuutplaat van Sylvester was een van de lekkere spullen die ik na een impromptu tweedaagse naar Parijs huiswaarts bracht. Producer van dienst op dat album is Harvey Fuqua, een man die een grote staat van verdienste heeft in de disco. Maar een quick google leert me dat zijn cv heus wel wat ruimer is, inclusief een aardige toevalligheid. Fuqua zat in het begin van zijn carrière bij de Moonglows, een van die doo-wop groepjes die Paul Simon bezingt in René & Georgette Magritte - een van mijn absolute favorieten (en een song waar ik het een tijd terug al over had). Fuqua blijkt ook degene te zijn achter de productie van Ain't No Mountain High Enough (in de originele versie, het duet van Marvin Gaye en Tammi Terrell) en van Marvin Gaye's grote comeback hit Sexual Healing. Oh en Fuqua's neefje Antoine regisseerde de clip voor een van Prince's laatste grote hits, The most beautiful Girl in the World. So much for trivia.

Sylvester heeft een wit voetje bij mij omdat hij natuurlijk in zijn latere carrière samenwerkte met Patrick Cowley. Beide zouden sterven aan AIDS, maar niet voor ze samen Do You Wanna Funk maakten, die hi-energy disco hit met die trademark Cowley-synths. Maar de tvdw, die komt dus uit Sylvester's debuut. Niet toevallig is het een song die wat afwijkt van de proto-disco waarvoor Sylvester bekend staat. Deze "I've been down" heeft een meer donkere, funky groove. De twee dames die je hoort zouden nadien furore maken als The Weather Girls. Voor wie echt dieper wil graven: ze maakten ook platen onder de naam The Two Tons (- weinig subtiel refererend aan hun corpulente maten). Van de tvdw is er zelfs een Two Tons-versie, uitgebracht drie jaren na het origineel.

Labels: , , , , ,

Sunday, September 11, 2016

TVDW 11/09/2016 - Rare Earth - Share My Love (1977)


't Zou nog een mooi Belpop-weetje zijn: welke Vlaming speelde ooit een belangrijke rol bij Motown? Toegegeven, het is net een brug te ver. Maar Peter Hoorelbeke was wel degelijk van Vlaamse afkomst, ook al werd hij geboren in 'Motor Town' Detroit. De bleekscheet en zijn groep Rare Earth schreven muziekgeschiedenis door te tekenen bij het zwarte label Motown en vervolgens enkele flinke hits te scoren, met name met een aantal covers van soulnummers (waarvan de ellenlange versie van Get Ready, oorspronkelijk van The Temptations, het bekendst is).

Toen de naamloze plaat "Rare Earth" in 1977 verscheen (op het Motown-dochterlabel Prodigal) was de glorieperiode van de groep al een tijdje voorbij. Doet geen afbreuk aan de plaat zelf, waarop de groep een sterk gespierde, funky soul laat horen. Luister op Spotify bijvoorbeeld naar het stomende Is your teacher cool (wat een rare titel). Wie wat verder graaft, vindt nog wel wat poptrivia rond deze plaat. Naast de drie nummers waaraan Hoorelbeke meeschreef, staat er ook een nummer op van Motown-baas Berry Gordy, en twee waaraan Anny Gordy meeschreef - de zus van Berry die zou trouwen met Marvin Gaye en later het onderwerp zou zijn van Marvins pijnlijke echtscheidingsplaat Here, My Dear.

Ook rond de tvdw hangen wat weetjes. Dat nummer werd geschreven door twee andere belangrijke vrouwelijke songsmids, Gloria Jones en Janie Bradford. Jones bracht niet enkel de oorspronkelijke versie van Tainted Love, ze was ook het liefje van T Rex-frontman Marc Bolan - ze zat achter het stuur van de wagen toen die crashte en Bolan de dood in joeg. Bradford schreef op haar beurt mee aan Too busy thinkin' 'bout my baby (Temptations) en Money (That's what I want), dat de Beatles later bekend zouden maken.

Oh en Hoorelbeke, de zanger-drummer en leider van de groep? Die vond zijn Vlaamse naam uiteindelijk toch niet erg rock 'n roll klinken, hij ging verder onder het pseudoniem Peter Rivera.

Labels: , , ,

Monday, June 22, 2015

TVDW 21/06/2015 - Simply Red - Love Wonders (2015)


Soul is een term die ik ongetwijfeld veel gebruik op deze blog. Je hebt heel wat soorten soulvolle muziek; voor mij kan zelfs een track van, ik zeg maar wat, de Foo Fighters of ZZ Top over de nodige soul beschikken. Qua soul heb je de archetypische tegenstelling tussen de rauwe, ongepolijste soul van een Wilson Pickett of Otis Redding, en de zoetgevooisde soulvariant van pakweg Smokey Robinson, Marvin Gaye of Teddy Pendergrass. Stax versus Motown, om het tot het ultieme cliché te herleiden.

Peu importe, ik hou van beide soulfamilies, en het hoeft geen betoog dat Mick Hucknall in de laatste categorie valt. Ik moet zo meteen eens op de tag Simply Red klikken om het verifiëren, maar het zou me niet verbazen mocht de groep tot op heden nog geen tvdw hebben gescoord. Ten onrechte, want vanaf het debuut wist de groep me te boeien. Hun eerste vier platen zijn en blijven klassiekers - wat een haast foutloze popplaat is nr. 4, "Stars", bijvoorbeeld - al ging het daarna, toegegeven, aardig bergaf.

De nieuwe "Big Love", nummer 11 in de cataloog, is echter een bescheiden return to form en een album dat ik, tot mijn verbazing, blijf draaien. Bij Simply Red bekruipt me weliswaar het gevoel dat ik ook bij Jamiroquai heb (net iets te vaak op veilig spelen, kiezen voor de makkelijke oplossing), maar los daarvan: een erg aangenaam plaatje, dat "Big Love". Eentje waarop Hucknall alle clichés rond hem en zijn groep bevestigt. Ja, hij heeft een ego, groter dan menig artiest. Ja, hij durft als tekstschrijver al eens in gemeenplaatsen te vervallen. Maar als pure soulzanger hoeft hij - tot spijt van wie hem zijn succes niet gunt - van niemand lessen te krijgen. Haast alle songs van de nieuwe plaat, hoe banaal ze soms ook lijken, worden gedragen en van extra's voorzien door Hucknall's subtiele, kristalheldere zanglijnen. Luister ten bewijze naar de op een Sade-ritme drijvende tvdw, een van de minder opdringerige tracks uit "Big Love".

Simply Red is en blijft als een perzik: zoet, met een fluwelen vachtje - en groter dan de bescheiden abrikoosjes van de concurrentie.

Labels: , , ,

Monday, August 10, 2009

TVDW 09/08/2009 - The Undisputed Truth - Poontang (1976)




Stiekem hoopte ik de man ooit nog te ontmoeten, voor een interview of zo. En dan zou ik 'm zeggen dat we een van de door hem gezongen songs hadden gebruikt als openingsdans bij ons huwelijk. Helaas, Willy DeVille is veel te vroeg gestorven. Als eerbetoon heb ik vrijdag dan maar even gedanst met mijn vrouw, op "Just to walk that little girl home", een van die heerlijke songs van hem. Van toen Willy nog Mink was, en hij songs schreef samen met de legendarische songsmid Doc Pomus. Ik herinner me dat ik als prille tiener gefascineerd keek naar Rockpalast op de Duitse televisie, waar een in hemd en kostuum gestoken DeVille het beste van zichzelf stond te geven, zwetend en rokend als een Turk. Wat een presence. De Amerikaanse Herman Brood.

Afgelopen week weinig cd's beluisterd, al waren er wel enkele muzikale zijpaden. David Gray werkt aan nieuw materiaal - eindelijk! Op donderdag trokken we naar Hemiksem, om Bart Peeters op Casablanca Festival te zien, op zaterdag zagen we Simple Minds nog eens aan het werk, op de Lokerse Feesten. Lang geleden dat ik ze nog zo sterk voor de dag zag komen. Kerr bleek opvallend goed bij stem, de setlist stond drie keer stil bij die erg goeie nieuwe cd Graffiti Soul en bleek voor de rest knap evenwichtig, incl. personal favorites als See the lights, I Travel en New Gold Dream (kippenvel bij de intro!). Alleen bij bisnummer Ghostdancing stootten de lui aan de PA de metertjes tezeer in het rood, met een geluidsbrij tot gevolg. Toch: straffe comeback.

Over Norman Whitfield, de legendarische Motown-producer, blies ik al eens de loftrompet op deze blog; bij het overlijden van de man. Afgelopen week gaf ik een van de albums van The Undisputed Truth een spin. Whitfield mocht dan al een trademark sound hebben geconstrueerd als producer van The Temptations en Marvin Gaye, deze groep was zijn echte speeltuin, hierin kon hij zich pas echt uitleven. The Undisputed Truth was een veelkoppig ensemble, waarvan ook de zus van Chaka Khan op een gegeven moment deel uitmaakte. De tvdw, waarin op onbeschaamde wijze de liefde voor en geneugden van vleselijke liefde wordt bezongen, komt uit de laatste plaat die The Undisputed Truth voor Motown zou opnemen. Nadien zou de groep onderdak krijgen op Whitfields eigen label. Hits scoorde de groep amper, maar wat een heerlijk dampende 'no holds barred' funk vertrouwden ze toe aan het vinyl - ergens op het kruispunt tussen Funkadelic, EWF en Sly & the Family Stone. A slice of sleazy seventies funk coming up!

I used to hate it till I ate it!


http://www.sendspace.com/file/p5bd35

Labels: , , , , , , ,

Monday, December 17, 2007

TVDW 16/12/2007 - Marvin Gaye - The Onion Song (1969)



Neen, geen Ike Turner, die vorige week stierf. Ook geen Arne Jansen, de man die zichzelf afgelopen week van het leven benam. Nochtans was die laatste met zijn hit "Meisjes met rode haren" verantwoordelijk voor mijn allereerste muziekmoment. De familiale overlevering wil immers dat dit het eerste liedje was dat ik als peuter luidkeels meezong. Het nummer stamt uit 1972, ik was toen vijf, dus dat kan kloppen. Ik ontken alles, vanzelfsprekend. Maar zing het nummer af en toe wel aan de keukentafel.
Neen, de tvdw komt van Marvin Gaye. Logisch, als je je met het oog op een recensie een week lang verdiept in de cd-box 'Marvin Gaye, The Master 1961-1984'. Gek genoeg staat het prettig gestoorde 'The Onion Song', geschreven door Ashford & Simpson, niet op één van de vier cd's uit de box. Het is nochtans een van mijn favoriete nummers van Marvin Gaye, eentje daterend uit de periode dat hij duetten opnam met Tammi Terrell. Er hangt trouwens nog een kleine anecdote aan vast. Rond 1990 deed ik mijn stoute schoenen aan en schreef een brief naar Studio Brussel, met de vraag of ik er niet als programmasamensteller aan de slag kon. In die tijd werden verschillende uren inderdaad nog samengesteld door een persoon van vlees en bloed, in plaats van zoals nu door de computer. Ik bleek niet de enige te zijn die voor de job postuleerde: samen met een dertigtal anderen werd ik uitgenodigd voor een test. We kregen een lijst van pakweg vijftig songs, ons werd gevraagd hieruit een logische setlist van een uur te distilleren, met ruimte voor reclameblokken en nieuwsoverzichten. We mochten ook een tweetal eigen keuzes in de lijst opnemen. Van de vijftig ons opgegeven nummers herinner ik me enkel nog dat Taillights Fade van Buffalo Tom erbij zat. En van de eigen keuzes herinner ik me dat The Onion Song er eentje was; de andere was als ik me niet vergis Peg van Steely Dan. In die tijd was er bij tijd en wijlen inderdaad nog plaats voor ouwerwetse soul, want StuBru was, bij gebrek aan concurrentie van Q Music, 4FM etcetera, minder cutting edge dan nu. Vandaar kon bijvoorbeeld ook, ik zeg maar wat, Vaya Con Dios, Won Ton Ton, Nick Lowe of Paul Carrack gedraaid worden - nu volstrekt ondenkbaar.
Soit, nadat we onze setlist met een vijftiental songs (dertien uit de StuBru-lijst, twee eigen keuzes) hadden afgeleverd, volgde nog een persoonlijk gesprek met Jan Hautekiet. Ik herinner me dat hij de lijst bekeek, en vooral stilstond bij mijn keuze voor 'The Onion Song'. Ik argumenteerde me suf, en blijkbaar met succes. Twee weken later kreeg ik per telefoon te horen dat ik de job van programmasamensteller had, en dat men spoedig contact zou opnemen om alles concreter te regelen. Die dag was ik de koning te rijk - een droom kwam uit. Maar de droom bleek een zeepbel. Toen ik na enkele weken windstilte zelf belde naar StuBru, hoorde ik dat van hogerhand beslist was om het aantal programmasamenstellers niet uit te breiden, maar in tegendeel af te slanken. Bye bye, droomjob....

http://www.sendspace.com/file/2hxib9

Labels: , , , , ,

Tuesday, June 20, 2006

TVDW 18/06/2006 - Wolfmother - Pyramid (2006)


"1972" - het jaar dat de voorbije weken het meest prominent zijn stempel drukte op mijn muziekkeuze. Allereerst door het bijwijlen schitterende, ontroerende solo-concert van Josh Rouse, waarbij het vele liedjes bracht - onder meer het titelnummer - uit wat misschien wel zijn beste cd, "1972", een album dat klinkt als een eerbetoon aan zowel het songschrijverstalent van Carole King als de zwarte klankkleur van Marvin Gaye's platen uit dat tijdsgewricht. Rouse zelf had echter al twee TVDW's op zijn naam (waaronder het zielsmooie "Sad Eyes", waarmee hij zijn concert in de AB afsloot, mooi uitgelicht met een grote spot in de rug - onvergetelijk), maar er waren de laatste weken nog andere muzikale lijntjes richting 1972 te trekken. Met Cream en The Free bijvoorbeeld - van beide beluisterde ik vorige week met veel plezier een Best Of (- wat is "Strange Brew" toch een gewéldige song). Of met het nadrukkelijk naar de seventies refererende The Raconteurs bijvoorbeeld, het hobbygroepje van Jack White en Brendan Benson - jongens onder elkaar die op de gitaar rammen, en een plaat die ik veel meer zal draaien dan om het even welke White Stripes-cd. Ook het debuut van Wolfmother ademt helemaal de sfeer van 1972 uit. In dat jaar bracht Black Sabbath het album "Volume IV" uit (met "Changes" er op), compileerde Cream zijn oeuvre op de dubbelaar "Heay Cream", The Free kwam met de zwanenzang "Free At Last", terwijl Yes en Deep Purple mijlpalen uitbrachten in de vorm van "Close to the Edge" en "Machine Head". Alleen Led Zeppelin bleef in 1972 wat achterwege om het plaatje te doen kloppen, hun pièce de resistance "IV" werd al in november 1971 vrijgegeven. Echo's van zowat alle voornoemde groepen hoor je terug op het debuut van Wolfmother, een trio uit de regio van Sydney. Het is een plaat die een grote middenvinger opsteekt richting trends - "so much for musical evolution" lijken ze wel te zeggen, terwijl ze zich wentelen in betonnen riffs en progrock-arrangementen. Niet alles is even sterk, maar hun consequente muzikale benadering is lovenswaardig. En tijdens een loeiharde derde beluistering - tijdens het gras afrijden dan nog - bleven toch makkelijk een vijftal hoogtepunten over. Waaronder "Pyramid", een song die voortjakkert op een baslijn die dicht naast "Radar Love" van Golden Earring heeft gelegen.

Labels: , , , , , , , , , , ,

Monday, December 05, 2005

TVDW 04/12/2005 - Roachford - This Generation (1994)

Wie zegt er dat artiesten slechts één TVDW-notering kunnen krijgen? In de statuten staat dat nergens vermeld en ook bij TVDW versie 1.0, die in de jaren tachtig van vorige eeuw werd gelanceerd, slaagden vele artiesten er in om meerdere TVDW's te verzamelen. Dus ook al had Andrew Roachford amper 9 weken geleden het voorrecht om een TVDW in de wacht te slepen (zie 9 oktober), hier duikt hij alweer op. Logisch en volkomen terecht, want 's mans optreden gisterenavond in de Botanique was bij momenten weergaloos sterk. De referenties die onderhuids op Roachford's platen aanwezig zijn - Marvin Gaye, Stevie Wonder, Philadelphia soul - kwamen op de planken helemaal naar boven. Bij de bisnummers, die grondig afweken van de vooropgestelde setlist, starte hij "Get Ready" op met een flard uit Sly & the Family Stone's "Everyday people" en ook op andere momenten in het concert was het volop genieten van de intereactie tussen de vijf schitterende muzikanten die zich op het podium zichtbaar stonden te amuseren. Schrijnend evenwel: er stond in de kleine Witloofbar van de Botanique hoogstens 60 man te kijken.....Na afloop maakten Hendrik (shout out to my man Dela!) en ik de bedenking dat Jamiroquai - landgenoot, generatiegenoot en ongetwijfeld evenzeer van soul doordrongen - dit concert had moeten zien. Jay K's tot in de puntjes verzorgde live-show staat mijlenver van het spontane, vaak in jams uitmondende optreden van Roachford. De manier waarop hij zijn reguliere set afsloot met "This Generation" - op plaat sowieso al een persoonlijke favoriet, omwille van dat heerlijk rollende basloopje - was indrukwekkend; de band met een eenvoudig "on the one" keer op keer stilleggend, om nadien opnieuw te demarreren. Na een kleine twee uur keek Roachford met brede grijns naar het publiek, uit elke porie van zijn lichaam druipend van het zweet.... en van de soul.

Labels: , , , ,

Monday, October 10, 2005

TVDW 09/10/2005 - Roachford - Tomorrow (2005)

Andrew Roachford. We zagen hem ooit, rond 1993 moet dat geweest zijn, een stomend concert geven in het inmiddels al lang ter ziele gegane concertzaaltje The Pacific in Antwerpen en we hebben altijd al een boon gehad voor de radiovriendelijke soulpop van de man. Na jaren van stilzwijgen duikt Roachford nu terug op, met de nieuwe cd Word of Mouth, dan nog wel op het Peppermint-label van Duits producer Mousse T ("I'm horny, horny horny horny" en Tom Jones' "Sexbomb", weet u nog?). Soulpop is nog steeds zijn sterk, maar na talloze beluisteringen - we zullen vermoedelijk dit jaar geen enkele cd meer draaibeurten gegeven hebben dan deze - blijkt dat hij dit keer nog meer de nadruk op "soul" heeft gelegd, en minder op "pop". Het blijft natuurlijk gladde, lekker in het oor liggende muziek, zoals bijvoorbeeld ook Soulsister destijds bracht of zoals we die ook terugvonden op de laatste twee cd's van Hall & Oates. Wie echter goed luistert vindt tal van details terug in de erg verzorgde productie. Dat, in combinatie met Roachfords fantastische, erg natuurlijk klinkende zanglijnen - elke zinssnede druipt van de soul - zorgt voor een erg erg fijne plaat. Luister naar de haast onverholen verwijzing naar Marvin Gaye in de eerste strofe van "Together", naar de thematische parallel met Stevie Wonders "Living for the city" in "Work it out", naar de knipoog naar de klassieke TSOP-productie in single "River of love" en naar de manier waarop een slepende ballad als "Everything" telkens wordt stilgelegd, een stop-and-go truukje dat die oude soulartiesten dat in onze verbeelding ook wel eens bovenhaalden tijdens live-optredens in The Apollo Theatre. Onze TVDW is wat mij betreft het prijsbeest van de plaat; een toonbeeld van een perfect opgebouwde productie. In vogelvlucht: 1. een akoestisch gitaartje en wat beats en Roachfords stem, smooth as silk. 2. in het bruggetje duikt een Jimi Hendrix-achtig gitaartje op (de Hendrix van Little Wing, niet die van Crosstown Traffic) en is er plaats voor een piano-riedel die wel een vertraagde variant lijkt van deze uit "Sympathy for the devil". 3. de baslijn wordt in het nummer geschoven, alsook de warme gloed van een gospelkoortje. 4. strijkers vinden hun weg en tillen het nummer na drieënhalve minuut, na een langgerekte roffel van aanzuigende drums (voor hetzelfde productionele truukje: zie "Sowing the Seeds of Love" van TFF), naar een hoger niveau. 5. in aanloop naar de outro worden alle schuivertjes terug naar beneden geduwd, tot enkel het koortje en wat percussie overblijft.
As good as it gets.

Labels: , , , , , , , ,