Wednesday, March 26, 2025

TVDW 23/03/2025 - Garland Jeffreys - Ghost of a Chance (1981)

 

TVDW 1054. Erg aardig concertje meegepikt in Club Kavka, hartje Antwerpen. Adam Wakeman, zoon van cape man en keyboard wizard Rick Wakeman, speelde er met zijn trio Jazz Sabbath eigenzinnige, avontuurlijke jazzy herwerkingen - soms nauwelijks herkenbaar - van de cataloog van Ozzy & Co. De hilarische grapjes tussendoor kreeg je er gratis bij.

Maar voor de tvdw ging het toch tussen twee albums die afgelopen week voor het eerst op de draaitafel belandden. Graham Parker maakte kans, altijd fijn om een van zijn albums aan de collectie toe te voegen. Een wat miskend songwriter, die ergens tussen angry young man postpunk stuff en soul. Ik interviewde hem ooit backstage op het LeffingeLeuren festival, een fijne ervaring was dat. Nadien belandde "Escape Artist" op de draaitafel en die maakte toch nog wat meer indruk. 

Jeffreys is ietwat te vergelijken met Elliott Murphy. Zijn muziek is wat anders, ja, maar beiden zitten in de inner circle van Springsteen en beiden hebben een erg goed gevuld adressenboekje. Bij Jeffreys startte dat bij Lou Reed en John Cale, terwijl bij de opnames van "Escape Artist" kwam naast leden van de E-Street Band en Graham Parker's begeleidingsband The Rumour ook G.E. Smith (gitarist bij Hall & Oates) hand- en spandiensten verlenen. Een tvdw uit het album kiezen is lastig. Christine was een mogelijkheid, of de fijne cover van 96 Tears, of de meer reggae influenced tracks die op de bij de LP horende extra single verschenen. Maar ik kies toch maar Ghost Of A Chance, een nummer dat van Elvis Costello & The Attractions had kunnen zijn, en dat een leuk start-stop arrangement kent. 

Labels: , ,

Monday, February 24, 2014

TVDW 23/02/2014 - Tygers of Pan Tang - Slave to Freedom (1980)

Dat haast kinderlijke gevoel van puur enthousiasme als je in een platenzaak, tweedehandswinkel, kringloopcenter... plots op een plaat stoot die je nooit meer dacht te vinden - ken je dat? Ik maakte het vorige week nog eens mee, toen ik op deze verzamelaar "Double Hard" stootte - een stukje vinyl waar ik inderdaad al jaren naar zocht.

Ik kocht 'm destijds als beginnend tiener, de plaat betekende mijn startpunt in het 'hardere werk'. Het was in 1981, dus niet toevallig dat op deze verzamelaar klassieke hardrock van Gillan en Black Sabbath (en zelfs Foghat) zij aan zij stond met de toen pas opkomende NWOBHM, met bands als Tygers of Pan Tang en Krokus. Enkele jaren later moet ik 'm geruild hebben, vermoed ik - hij zit alleszins niet meer in mijn verzameling.

Een grote a-ha erlebnis dus, om dit na al die jaren nog eens op een draaitafel te leggen. En me te vergapen, net zoals ik dat als dertienjarige deed, aan de hoes. Muzikaal vond ik de track van de Tygers of Pan Tang (uit hun debuut "Wild Cat") nog wel wat hebben. Typisch twin guitar werk, tempowisselingen... het is de formule die Iron Maiden in dezelfde jaren zou perfectioneren. De Tygers was geen lang leven beschoren - op hun tweede plaat zou gitarist John Sykes bij de groep komen, de man die nadien bij Whitesnake en Thin Lizzy het mooie weer zou maken. En - voor wie het wil weten - die groepsnaam? Die komt uit een boek van Brits sci-fi auteur Michael Moorcock, de man die ook Hawkwind en Blue Oyster Cult zou inspireren tot songs en samenwerkingen.

Labels: , , , , , , , , ,

Monday, February 06, 2012

TVDW 05/02/2012 - Thin Lizzy - Suicide (1975)



Een potsierlijke titel, een schreeuwlelijke hoes: meer was er blijkbaar niet nodig om me als klein jongetje te overtuigen. Ik herinner me dat ik, ahum, "Super Groups' Meeting" (tjonge tjonge...) in de afprijsbakken van de lokale supermarkt kocht - ja dat kon toen nog. Wat me aanspoorde om de plaat te kopen, zal ik wel nooit weten. Van elke groep waren er twee songs op terug te vinden, ik meen dat Follow You Follow Me van Genesis er bij was, Rockin' All Over The World van Quo en Never Say Die van Sabbath. Wat er opstond van Nazareth, zou ik begot niet meer weten. Ik heb er even naar gezocht op internet, maar vond niet meteen een tracklisting. Gek, hoe selectief het geheugen soms werkt. En van Thin Lizzy stond er alleszins Suicide op, mijn eerste kennismaking met de band.

Afgelopen zondag vergezelde ik Zinnerboy Bart naar Trix, waar de opnieuw samengebrachte groep optrad. Natuurlijk zonder Lynott en Moore, die werden vervangen door heerschappijen die alle clichés van de hardrock met trots veruitwendigden (tattoos, leren broeken, zware laarzen, wijdbeense gitaarposes, you name it)... maar die gelukkig ook prima muzikanten waren. Suicide was samen met Emerald vermoedelijk het hoogtepunt van de avond voor mij, al bleek het van het begin tot eind een uitgebalanceerde en knap opgebouwde set.

Heerlijk toch, dat trademark twin guitar geluid waarop Iron Maiden zich later zo sterk zou op baseren. En ook heerlijk om nog eens ondergedompeld te worden in stevige vuisten-in-de-lucht hardrock. De opdruk van de t-shirts van de overjaarse rockers in het publiek, loog er niet om: Rainbow en Whitesnake, ze mochten nog eens uit de kast. Een nostalgische trip waar de dEUS-generatie ongetwijfeld de neus voor ophaalt, but fuck 'em. Ik lees op een website dat de groep er intussen aan denkt om met nieuw materiaal uit te komen. Geen idee of dat zo'n goed idee zou zijn. Maar als de plaat er komt, is de kans toch groot dat ik ze wel eens wil beluisteren.

Labels: , , , ,

Monday, May 17, 2010

TVDW 16/05/2010 - Big Audio Dynamite - The Bottom Line (12") (1985)




Voor zover ons landsgedeelte nog wat onschuld over had, is die nu wel weg. Na Nonkel Bob is nu ook Bobbejaan Schoepen niet langer onder de levenden. Nu nog Tante Terry en Vlaanderen zit helemaal in het verderf. In 1999 had ik een fijn interview met Bobbejaan, geflankeerd door Daan en enkele lui van Dead Man Ray. De twee partijen brachten toen een muzikale omkadering voor de stille film At the drop of a head / De Ordonnans (maar ook wel bekend onder de titel 'Café zonder bier'). Ik merk net dat het artikel zelfs opgenomen is in het persknipselhoekje van Bobbejaans website. Klein citaatje eruit? De Meester zelf over zijn succes: Weet u dat ik in 1957 nog de hand van de Queen Mother heb geschud? Ik was toen ontzettend druk bezig, stond niet alleen in elk Vlaams dorp maar ook in Kongo, Indonesië, Zweden en IJsland op het podium.

Ook Ronnie James Dio, de brulbroei die enkele hoofdstukken uit de geschiedenis van de metal neerpende, is niet meer. Ritchie Blackmore's Rainbow werd in 2006 bedacht met een tvdw; eentje waarin Dio de zanglijn voor zijn rekening nam. En oké, ik weet ook wel dat de enige Sabbath die met Osbourne is - maar Dio was natuurlijk 400 keer beter als zanger dan Ozzy. En aan het eind van zijn carrière gelukkig veel minder een karikatuur.

Voor de tvdw van deze week moeten we bij de restanten van The Clash zijn. Van de twee frontmannen van de groep scoorde Joe Strummer steeds wat hoger op de credibiliteitsmeter dan Mick Jones. Strummer is al dood, for one thing, dat helpt sowieso. Plus: hij was naast en na zijn rockcarrière ook een niet onverdienstelijk acteur, met o.a. rollen in films van Alex Cox. Mick Jones daarentegen... hij had na The Clash wat meer moeite om zijn credibility hoog te houden. Hij richtte Big Audio Dynamite op. Hoogverraad in de ogen van Clash-fans, want Jones' nieuwe groep leunde nauwelijks aan bij The Ramones, The Buzzcocks of CBGB's, en des te meer bij Bomb the Bass, Coldcut en de meesters van de Fairlight, The Art of Noise. Vooral de debuutplaat van B.A.D. is een onverbeterlijke muzikale momentopname.

Sommige platen worden classics omdat ze een tijdperk weten te overstijgen, andere omdat ze het weten te vatten. En net als Kick van INXS of The Raw & the Cooked van de Fine Young Cannibals, is het debuut van B.A.D. eentje die eighties uitademt - uit elke vinylgroef. De opener Medicine Show (zelfde thematiek als de Dream Syndicate-song, minstens even sterke tekst), het onweerstaanbare E=MC2 of de tvdw: ze zitten sjokvol samples (o.a. uit films van Nicolas Roeg en Sergio Leone), drumritmes, dubinvloeden en een catchy mengeling van synths en rock riffs. Mick Jones bleek ook erg beïnvloed door hiphop. In hun Britse tournees nodigde de groep als support act zwarte old school rappers als Schooly D uit... om voor een volkomen verbaasd publiek op te treden. Best pionierend werk van een bleekscheet als Jones om hiphop zo te omarmen: het debuut van B.A.D. kwam ruim een jaar voor License to Ill van The Beastie Boys uit. Dat de ritmesectie van B.A.D. wel wist hoe een goeie groove in elkaar stak, bewezen ze later door Dreadzone op te richten.

De tvdw, dan? De 12 inch van Bottom Line moet zowat de eerste plaat zijn die ik kocht toen ik op kot ging in Leuven. Wat een huis - wat zeg ik, appartementsblok - van een nummer, en wat een heerlijk lange maxi-versie, inclusief de rap die in 'part two' de song nog even binnenstebuiten draait. Hurray for Jones dus. Dat de man samen met een van mijn andere helden, Roddy Frame van Aztec Camera, de geweldige song Good Morning Britain schreef, laat ik hier dan nog onvermeld. Dat hij een visionair tekstschrijver blijkt, eveneens. "A dance to the tune of economic decline" - The Bottom Line heeft 25 jaar later nog steeds zeggingskracht.

http://www.sendspace.com/file/u4exfv

Nog een streepje Dreadzone als bonus?
http://www.sendspace.com/file/q7grux

En kloeg daar iemand over het onbeschikbaar zijn van de tvdw van vorige week? Pak aan!
http://www.sendspace.com/file/jtnvx1

Labels: , , , , , , , , , , , , , ,

Tuesday, March 13, 2007

TVDW 11/03/2007 - Machine Head - Aesthetics of Hate (2007)

De spelregels van de TVDW zijn onverbiddelijk: de song/artiest die de afgelopen week het meest de aandacht trok, in positieve zin, krijgt de nominatie. En zo komt het, niet in het minst tot mijn eigen verbazing, dat de snoeiharde metal van Machine Head hier opduikt. Nochtans zat de afgelopen week aardig gevuld met allerlei andere muziekjes, van de tegenvallende tributeremixcd (bij deze gedeponeerd, die term) van Yoko Ono over de boeiende R&B van klasbak Rashaan Patterson en de rijke seventiesrock van Canada’s finest The Guess Who tot de tokkelende akoestische pop van Kings of Convenience (– Simon & Garfunkel for Now people). Maar de meeste aandacht (en de meeste luisterbeurten) trok Machine Head, een collectief uit California die ik 12 jaar geleden leerde kennen via hun debuutalbum Burn My Eyes. Toegegeven, Machine Head is in feite véél te zware kost voor mij, als metalfreak ben ik een halve leek, een halve nostalgicus - en een heel doetje. Als metalhead Wall (shout out to KBC!) me laat weten dat The End, Fear My Thoughts en Lacrimas Profundere de snoepjes van de maand zijn, geloof ik hem op zijn woord – maar de kans is klein dat ik ooit iets van die groepen zal horen. Maar Machine Head does strike a nerve. Omwille van de ingenieuze gitaarpartijen, de zanger die meer registers etaleert dan louter de zogenaamde ‘grunt’, en de drummer die heus wel verder gaat dan de doekedoekedoeke mitrailleursalvo’s uit de dubbele basdrum (luister naar het hi-hat werk op de tvdw). Nieuwe cd The Blackening bevat met Clenching The Fists of Dissent en Halo enkele epische lappen van songs met een meesterlijke beheersing van de instrumenten, maar stand-out track van de cd is Aesthetics of Hate. Let op het prachtige instrumentale stuk met de vingervlugge, in elkaar geweven dubbele solo, en merk op hoe de groep na de vier minuten grens terugschakelt naar de eerste versnelling, om met een loodzware, trage Black Sabbath-riff het nummer naar het einde te slepen. Niet bepaald easy listening.

http://www.sendspace.com/file/sztugf

Labels: , , , , ,

Monday, November 13, 2006

TVDW 12/11/2006 - Gerry Rafferty - Family Tree (1979)


Confession time. Ik mag dan al geen strafblad hebben, in een ver verleden heb ik me wel schuldig gemaakt aan wat kleine diefstallen. Ik herinner me drie categorieën. Eén: snoepgoed. Op weg naar huis, in de middelbare school, met de fiets even stoppen bij de kruidenierswinkel, kleinigheid kopen en intussen de zakken volstoppen. Twee: Action Man. De 'vintage ones' natuurlijk. Een jeugdliefde, maar eenje met redelijk dure accessoires, vandaar verdween ook hiervan wel eens iets in de zakken. Drie: muziek. Hiervan heb ik twee voorbeelden. Lp's kopen tegen verminderde prijs is er eentje. Door het stickertje 499,- te vervangen door eentje van 199,- en dan met onschuldig gezicht langs de kassa te passeren. It worked for Vangelis' Chariots of Fire en voor een Best Of van Black Sabbath, herinner ik me. En het tweede muziekgerelateerde diefstalletje (je hoort, ik probeer het te minimaliseren) vond plaats tijdens één van de twee rugzakvakanties die ik in mijn eentje ondernam, naar Bath en de streek van Zuid-Engeland en naar Schotland. De supermarktketen Woolworths had wat interessante cassettes in de aanbieding en ik liet er twee in de rugzak verdwijnen: Whitesnake's "Ready and Willing" (de plaat met deelnames van twee Deep Purple-leden - powerful stuff) en Gerry Rafferty's "Night Owl". Het gekke was dat ik geen walkman bij had en dus moest wachten tot ik twee weken later terug thuis was, om de albums te kunnen beluisteren. Ik heb altijd wel een boon gehad voor soft spoken Gerry, en mocht ik een top 50 maken van liedjes die me kunnen ontroeren, zit "Family Tree" er vermoedelijk wel bij. 't Moet naast de mooie tekst ook wel iets te maken hebben met akkoordenschema's, maar dit soort songs werkt altijd bij mij. Let op de intro (die gespiegeld wordt in de outro), een folkie deuntje dat wel van Mike Oldfield kon zijn. En op de heerlijk overdubs van de vocals, die voor die typische haardvuur vibe zorgen waar Rafferty een patent op heeft. En op de uitgesponnen gitaarsolo aan het eind. De track belandde later nog op één van mijn home made'Sunday Morning Music' compilaties. "Family Tree" staat er zij aan zij met Supertramps "Know you who are" (uit Famous last words - niet hun beste maar wel mijn persoonlijke fav), met "Running Wild" (heerlijke slotsong van Roxy Music's Flesh & Blood), met het fijne gitaargetokkel van "Toxic Girl" (Kings of Convenience), met het ultieme begrafenislied "Old & Wise" van The Alan Parsons Project, en met "Oh Patti" - slick eighties stuff van Scritti Politti met Miles Davis als special guest.
Oh ja, over die criminele activiteiten: gelukkig zijn de feiten inmiddels verjaard. Ik heb mijn kleptomanie definitief bezworen en bewandel sinds enkele decennia, zoals het een goede pater familias betaamt, opnieuw het rechte pad....


http://www.sendspace.com/file/puck1n

Labels: , , , , , , , , ,

Monday, March 27, 2006

TVDW 26/03/2006 - Rainbow - A light in the black (1976)


Eindelijk, waar blééf die foute hardrock dan toch? Wel, zie hier en 't is meteen een flinke kluit: ruim 8 minuten vintage stuff uit de oude doos. Het voorbije weekend stond dan ook, met dank aan mister Gillis (Maryland calling!), grotendeels in het teken van een muzikale trip down memory lane (helemaal terug tot zelfs het "Beatles '65" album!). Maar deze TVDW is natuurlijk andere koek. Blackmore liet Deep Purple midden jaren zeventig versplinteren en startte Rainbow op met Ronnie James Dio, de rattenkop met een van de meest bepalende stemmen uit de hardrock (... die ook "Love is All" van Roger Glover inzong - zie midden op de foto). Met Dio als tekstschrijver naast zich vond Blackmore zijn dada: lange songs die je onderdompelen in een wereld van heksen, middeleeuwse kastelen, draken en druïdes... Het zou een voorbode zijn of things to come, want Na Rainbow (en een kortstondige terugkeer naar Deep Purple) zou Blackmore's Night ontstaan, een raar project waarin Blackmore en zijn vrouw Candice Night een bizar soort van renaissance--folk-hardrock in het leven roepen (om te lachen met de vlindertjes: check de zweverige website www.candicenight.com). Terug naar "Rising", dat memorabele tweede album van Rainbow, opgenomen in de befaamde Musicland Studio in München in een productie van de hardrock producer bij uitstek: Martin Birch (zie ook Sabbath, Purple, Whitesnake en de beste Iron Maiden-albums). Raar hoe het geheugen werkt: Rising hoorde ik meer dan vijftien jaar terug voor het laatst, maar dit weekend herkende ik meteen hele lappen muziek bij herbeluistering van de remastered version. Het album opent met een lange synth-intro die wel een doorslag lijkt van "Fly Like An Eagle" (Steve Miller Band) waarna Blackmore zijn Strat laat galopperen doorheen "Tarot Woman". Het zesde en laatste nummer is de echte klepper van de plaat; vooral in de instrumentale break van drieënhalve minuut ontbindt de groep al haar duivels. Ingrediënten: vette synths, het soort van donderende drumwerk (courtesy of de intussen overleden Cozy Powell - zie rechts op de foto, we zagen hem ooit nog live aan het werk in Leffinge, in de bluesband van Peter Green!) waarvoor de Britten het adjectief 'ferocious' uitvonden, en évidemment het onvergelijkbare melodieuze soleerwerk van Blackmore. This is the stuff that separates the boys from the men.

Labels: , , , , , , , , ,